'In de tiende, elfde eeuw was de Ieperlee een klein riviertje dat verbinding gaf met het waddengebied van de IJzer, waar schapen graasden. Hun wol werd met sloepen naar Ieper gevoerd. De lakennijverheid maakte Ieper groot en zo groeide ook het belang van de Ieperlee. Die werd voor een stuk rechtgetrokken en bij de bouw van de Lakenhallen werd zelfs een binnenhaventje voorzien op de plek van de huidige binnenkoer.'
Door de groei van Ieper tot een stad van 40.000 inwoners werd de Ieperlee een 'strontbeek', een poel van verderf. Daarom hebben de Fransen, die in de tweede helft van de zeventiende eeuw Ieper in hun macht hadden, beslist om de rivier te overwelven vanaf de Rijselpoort tot aan de Boezingepoort, waar nu hotel Ariane ligt.
Bron: Nieuwsblad.be